Bed, bad en brood (ABRvS en CRvB 26-11-2016)
Onderwerp
Reikwijdte en invulling van het Europees Sociaal Handvest in Nederland
Feiten
I.c. was er een groep uitgeprocedeerde vreemdelingen die de gemeente Amsterdam hadden verzocht om aan hen opvang te bieden op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo-opvang). Zij zijn dakloos en geheel afhankelijk van hulp van derden. Een aantal van hen is afkomstig uit de Vluchthaven in Amsterdam. Zij voeren aan dat zij recht op opvang hebben en dat dit ook geldt als zij niet als bijzonder kwetsbaar kunnen worden beschouwd en ook overigens niet in een geheel uitzichtloze situatie verkeren. De groep beroept zich hiervoor op de beslissingen van het Europees Comité voor Sociale Rechten (ECSR) van 1 juli 2014, waarin het ECSR tot de conclusie is gekomen dat het onthouden van voedsel, water, onderdak en kleding aan niet rechtmatig in Nederland verblijvende vreemdelingen een schending is van de rechten zoals deze zijn beschermd in de artikelen 13 lid 4 en artikel 31 van het Europees Sociaal Handvest. De groep uitgeprocedeerde vreemdelingen wil niet verblijven in een vrijheidsbeperkende locatie (VBL) omdat volgens hen op grond van de beslissingen van het ECSR niet de voorwaarde mag worden gesteld dat zij meewerken aan hun vertrek uit Nederland.
CRvB
De Centrale Raad concludeert dat opvang in een VBL in overeenstemming is met de door de uitgeprocedeerde vreemdelingen ingeroepen verdragsrechtelijke bescherming. Dat is zo omdat de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie een uitgeprocedeerde vreemdeling die niet aan zijn vertrek meewerkt in een uitzonderlijk geval wel toelaat tot de VBL.
De gemeente mag ervan uitgaan dat een uitgeprocedeerde vreemdeling gebruik kan maken van de opvang in een VBL. Hierbij wordt betrokken dat de ABRvS als vreemdelingenrechter eerder uitspraak heeft gedaan over de meewerkverplichting aan vertrek bij verblijf in een VBL in een rechtszaak tussen de staatssecretaris en een andere uitgeprocedeerde vreemdeling. Gezien dat toetsingskader kan volgens de Centrale Raad recht worden gedaan aan de in de Wmo-opvangzaken ingeroepen verdragsrechtelijke aanspraak op opvang. Uit de uitspraak van de Afdeling volgt dat het in beginsel voor risico van de vreemdeling komt als hij niet meewerkt aan zijn vertrek. De staatssecretaris moet er echter wel rekening mee houden dat er bijzondere omstandigheden kunnen zijn waarbij hij niet van de vreemdeling mag verlangen dat hij meewerkt aan zijn vertrek. Zulke bijzondere omstandigheden doen zich voor zolang blijkt dat de vreemdeling vanwege zijn geestelijke gesteldheid niet kan overzien dat als hij niet meewerkt hij geen onderdak krijgt van de staatssecretaris.
De Centrale Raad beslist dus dat de optie tot verblijf in een VBL, waarbij verdragsrechtelijke verplichtingen worden gerespecteerd, meebrengt dat er geen noodzaak is voor Wmo-opvang door de gemeente. De staatssecretaris kan in een uitzonderlijk geval beoordelen of er reden is om geen meewerkverplichting te verbinden aan de toegang tot de VBL.
Volgens de Centrale Raad is gezien de huidige stand van zaken geen reden meer om opvangvoorzieningen, zoals de Amsterdamse bed-bad-broodvoorziening, nog langer aan te merken als Wmo-opvang. Deze gemeentelijke regelingen zijn namelijk speciaal bestemd voor uitgeprocedeerde vreemdelingen, die op grond van het koppelingsbeginsel geen aanspraak hebben op voorzieningen en voor wie de staatssecretaris verantwoordelijk is.
Kern
Verblijf in een vrijheidsbeperkende lokatie is niet in strijd met de verdragsrechtelijke verplichting om opvang te bieden, zoals vastgelegd in het Europees Sociaal Handvest, omdat een uitgeprocedeerde vreemdeling die niet aan zijn vertrek meewerkt in een uitzonderlijk geval wel kan worden toegelaten in een VBL.
De gemeente Amsterdam mag opvang weigeren aan uitgeprocedeerde vreemdelingen en hen voor onderdak verwijzen naar een vrijheidsbeperkende locatie (VBL). De VBL valt onder de verantwoordelijkheid van de staatssecretaris van Justitie. Het is zijn taak om te beoordelen of in een uitzonderlijk geval aan iemand toegang tot de VBL moet worden verleend, zonder daaraan de voorwaarde te verbinden dat moet worden meegewerkt aan vertrek uit Nederland. Verblijf in een VBL is derhalve niet in strijd met de verdragsrechtelijke verplichting om opvang te bieden.
Arresten en jurisprudentie
- Arresten en jurisprudentie : waar vind je meer uittreksels en samenvattingen op WorldSupporter?
- Arresten en jurisprudentie: hoe kan je ze lezen, begrijpen en bestuderen?
- Arrestsamenvattingen: waar vind je per vakgebied arresten verzameld op WorldSupporter?
Samenvattingen en studiehulp
Studie in het buitenland
- Recht & Bestuur: opleiding tot studeren in het buitenland
- Juridische en bestuurlijke vaardigheden: leren of versterken
Vacatures en Stage in het buitenland
Join with a free account for more service, or become a member for full access to exclusives and extra support of WorldSupporter >>
JoHo can really use your help! Check out the various student jobs here that match your studies, improve your competencies, strengthen your CV and contribute to a more tolerant world
Add new contribution