Hoorcollege
Basiskenmerken van privaatrecht:
Algemeen belang en particulier belang
Handhaving van normen (overheid/ander individu)
Middelen tot handhaving (arresteren/ingebrekestelling)
Commune recht
Bevoegdheden van de partijen (bevoegdheden van publiekrechter meer)
Dwingend kan niet worden afgeweken en aanvullend recht wel (beidt ruimte voor partijen om afspraken te maken). Met dwingend recht wil je zwakkere beschermen of de hele samenleving (kopen en verkopen huis). Hoe te herkennen
Accusatoir en inquisitoir proces.
Accusatoir proces --> een vorm van procesvoering waarbij het initiatief bij de procespartijen ligt. Het proces is bijna volledig in handen van de partijen: zij bepalen het voorwerp van de rechtszaak en zij zijn verantwoordelijk voor de bewijsvoering. Rechter is lijdelijk --> passieve rol een soort scheidsrechter en partijen zijn autonoom. Rechter zoekt niet naar materiële waarheid (hoe de waarheid echt is) maar naar de formele waarheid (waarheid volgens de partijen) PRIVAATRECHT
Maar stel partijen zien beiden de prijs over het hoofd, A dacht 200, B dacht 300, maar werkelijk 600. Rechter mag niet de feiten niet aanvullen, want partijen zijn autonoom en neemt kennis van feiten die aan hem zijn gegeven. Partijen maken grenzen. Maar tegenwoordig redelijke uitleg geven maar geen feiten geven. Daarmee kan je wel wat wijzigen, dus niet aanvullen maar uitleg geven
Contractsvrijheid
Rechter is lijdelijk
Partijen autonoom
Formele waarheid
Inquisitoir proces --> is een vorm van procesvoering waarbij de rechter een actieve rol speelt. De rechter bepaalt mee het voorwerp van de rechtszaak en staat mee in voor de bewijsvoering. Rechter zoekt naar materiële waarheid. PUBLIEKRECHT
Inquisatoir:
Actieve rechter
Materiele waarheid
Partijen niet autonoom
Rechtshandeling is gericht op een rechtsgevolg. Niet gerichte rechtshandeling is een bal door de ruit. Wat is een rechtsgevolg: rechtsbetrekking wordt tot stand gebracht/gewijzigd. Rechtshandeling komt tot stand door:
Art. 3:33 BW (wil en verklaring). Wil moet zich openbaren (woorden), verklaring is gebaseerd op wil. Soms ook impliciet (zoals in trein stappen).
Rechtshandeling beoogt een bepaald rechtsgevolg. Niet-rechtshandeling is een bal door een ruit
Bloot rechtsfeit (toevalligrechtsfeit) --> bliksem, geboorte, dood
Door aanbod en aanvaarding komt er een overeenkomst tot stand. Je krijgt daardoor twee partijen --> crediteur (schuldeiser, levering) en debiteur (schuldenaar, betaling)
Wanneer is rechtshandeling geldig --> wilsgebreken:
Nietigheid (art. 3:40) --> in strijd met wet of openbare orde
Van begin af aan geen rechtsgevolgen tot stand gekomen. De gevolgen worden niet erkent, het rechtsgevolg dient niet tot stand te zijn gekomen (cocaïne verkopen).
Vernietigbaarheid --> situatie dat overeenkomst tot stand gekomen en rechtsgevolgen maar één partij kan dit vernietigen. Rechtsgevolgen wel tot stand gekomen net als nietig. Wel tot stand gekomen.
Pacta sunt servanda --> afspraken moeten worden nagekomen. Wat is er tot stand gekomen? Inhoud van een overeenkomst (art. 6:248 BW). Hoe de inhoud van het contract interpreteren
Haviltex koopt machine voor 35.000 euro. 20.000 euro contant en rest 15.000 in de vorm van 10% van de winst elk jaar overmaken. Afspraak wordt ontbonden en Haviltex geeft machines terug en vordert 20.000 terug. Maar één jaar gebruik gemaakt van de machine. Mag die gratis de machine hebben gebruikt? Binnen een jaar mag je ontbinden, maar via redelijkheid en billijkheid. De Hoge Raad zegt: “De rechter moet onderzoeken de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan de bepalingen van hun overeenkomst mochten toekennen.” Mocht hij hier dus gratis gebruik van maken? --> Nee.
Probleem met uitleg overeenkomst --> raakt het hart van contractsvrijheid.
Sarong-arrest --> voor Eerste Wereldoorlog in Azië katoen besteld maar na wereldoorlog duurder. Redelijkheid en billijkheid inhoud niet inperken. De redelijkheid en de billijkheid geen derogerende werking hebben.
Saladin-arrest --> koopt aandelen maar aan wat aan hem wordt verteld blijkt geld te verliezen. Saladin wil ontbinden maar lukt niet en bedrijf roept zich op exoneratie-beding. Hoge Raad zegt dat de ene partij machtiger is dan de andere, aard van overeenkomst, wijze waarop tot stand gekomen, geïnformeerd voor risico --> Hoge Raad zegt dat een derogerende werking nodig is.
Zutphense waterleiding-arrest --> De Vries woonde boven Nijhof. In de winter springt waterleiding en vloeit naar pakhuis. De Vries wilde waterleiding niet dichtdraaien en Nijhof veel schade. Onrechtmatige daad? Onbehoorlijk gedrag maar niet onwetmatige daad verricht. Dit is legisme.
Lindenbaum-Cohen --> knecht van Lindenbaum gaf aan Cohen (concurrent) een prijsopgave. Cohen gaat dus nu lager aanbieden. Dit is niet in strijd met wet, maar Hoge Raad zegt hier wel dat het een onrechtmatige daad is, want in strijd wat men in maatschappelijk verkeer als betamelijk wordt geacht.
Wat is een onrechtmatige daad (art. 6:162):
Conditio sine qua non-verband --> de ene gebeurtenis niet zonder de andere gebeurtenis zou hebben plaatsgevonden