TentamenTests bij Applied Social Psychology: Understanding and Managing Social Problems van Steg e.a. - 2e druk

Wat is toegepaste sociale psychologie? - TentamenTests 1

Meerkeuzevragen

MC vraag 1

Wat is het belangrijkste doel van toegepaste sociale psychologie?

  1. Toepassen van wetenschappelijke kennis in de praktijk.
  2. Toetsen van sociaal-psychologische theorieën.
  3. Begrijpen of oplossen van een maatschappelijk probleem.

MC vraag 2

In welke vier rollen kan de wetenschapper bijdragen aan sociale veranderingen?

  1. In zijn rol als expert, radicaal, criticus en evaluator (expert, radical, critic en evaluating roles).
  2. In zijn rol als expert, pleitbezorger, uitvoerder en evaluator (expert, advocacy, implementing en evaluating roles).
  3. In zijn rol als expert, pleitbezorger, medewerker, en afdwinger (expert, advocacy, collaborative en coercive roles).

Antwoorden Meerkeuzevragen

MC vraag 1

C. Begrijpen of oplossen van een maatschappelijk probleem.

MC vraag 2

C. In zijn rol als expert, pleitbezorger, medewerker, en afdwinger (expert, advocacy, collaborative en coercive roles).

Wat is de rol van theorieën in toegepaste sociale psychologie? - TentamenTests 2

Meerkeuzevragen

MC vraag 1

De cognitieve dissonantie theorie stelt dat:

  1. Mensen de spanning proberen weg te nemen die tegenstrijdige gedachten opwekken.
  2. Mensen kiezen tussen tegenstrijdige gedachten.
  3. Mensen een verklaring zoeken voor tegenstrijdige gedachten.

Antwoorden Meerkeuzevragen

MC vraag 1

A. Mensen de spanning proberen weg te nemen die tegenstrijdige gedachten opwekken.

Hoe wordt sociale psychologie toegepast in interventies? - TentamenTests 3

Meerkeuzevragen

MC vraag 1

Voor gewenst gedrag op de lange termijn:

  1. kun je beter ongewenst gedrag bestraffen dan gewenst gedrag belonen.
  2. kun je beter gewenst gedrag belonen dan ongewenst gedrag bestraffen.
  3. Moet je zowel ongewenst gedrag bestraffen, als gewenst gedrag belonen.

MC vraag 2

Onderzoek naar het approach-avoidence conflict laat zien, om je doel te bereiken, je:

  1. zowel de neiging tot toenadering (approach) moet versterken als de neiging tot vermijding (avoidence) moet verminderen.
  2. beter de neiging tot vermijding (avoidence) kunt verminderen dan de neiging tot toenadering (approach) versterken.
  3. beter de neiging tot toenadering (approach) kunt versterken dan de neiging tot vermijding (approach) kunt verminderen.

MC vraag 3

Je bent een deur-aan-deur verkoper. Om zoveel mogelijk te verkopen, pas je je kledingstijl aan op de buurt waar je verkoopt. Welk principe heb je hier gebruikt?

  1. Het principe van sociaal bewijs.
  2. Het principe van autoriteit.
  3. Het principe van aardig vinden.

Antwoorden Meerkeuzevragen

MC vraag 1

B. kun je beter gewenst gedrag belonen dan ongewenst gedrag bestraffen.

MC vraag 2

A. zowel de neiging tot toenadering (approach) moet versterken als de neiging tot vermijding (avoidence) moet verminderen.

MC vraag 3

C. Het principe van aardig vinden.

Wat zijn onderzoeksmethoden in toegepaste sociale psychologie? - TentamenTests 4

Meerkeuzevragen

MC vraag 1

Als je onderzoek doet met een vragenlijst, is het belangrijk dat de vragen waarmee je een variabele, zoals IQ, meet intern consistent zijn. Wat betekent interne consistentie in deze context?

  1. Dat de scores op de vragen hoog correleren met andere vragenlijsten die hetzelfde concept meten, zodat je weet welk concept je meet.
  2. Dat de scores op de vragen hoog correleren op tijdstip 1 en 2, zodat je weet dat je een stabiel concept meet.
  3. Dat de scores op de vragen hoog met elkaar correleren, zodat je weet dat je één concept meet.

MC vraag 2

In vergelijking met andere onderzoeksmethoden heeft experimenteel onderzoek ... controle over onafhankelijke variabelen en ... controle over afhankelijke variabelen.

  1. meer, minder
  2. meer, dezelfde
  3. minder, meer

MC vraag 3

Waarom is het willekeurig toewijzen van proefpersonen zo belangrijk in experimenteel onderzoek?

  1. Omdat je dan zeker weet dat de persoonskenmerken geen invloed uitoefenen op de afhankelijke variabele.
  2. Omdat je dan zeker weet dat de persoonskenmerken geen invloed uitoefenen op de afhankelijke en onafhankelijke variabelen.
  3. Omdat je dan zeker weet dat de persoonskenmerken geen invloed uitoefenen op de onafhankelijke variabele.

MC vraag 4

Stel, een onderzoeker vindt een verband tussen 'de mate waarin een medewerker slijmt bij de baas' en 'succes op de werkvloer', als hij ... heeft gebruikt kan het zijn dat een derde variabele verantwoordelijk is voor dit verband.

  1. expirimenteel onderzoek
  2. correlationeel onderzoek
  3. allebei de bovenstaanden

MC vraag 5

Waarin overtreft experimenteel onderzoek ander onderzoek niet?

  1. Het optimaliseren van de betrouwbaarheid.
  2. Het manipuleren van onafhankelijke variabelen.
  3. Het vinden van causale verbanden tussen variabelen.

MC vraag 6

"Uit onderzoek onder 5400 jongeren blijkt dat sommige muziekvoorkeuren sterker samenhangen met de vrees van iedere ouder: zelfmoordgedachten, drugs, problemen met de politie [...]. Het opvallendst vindt ik dat jongeren met een heel brede smaak, die naar rap, rock en hitlijsten en zelfs naar klassiek luisteren, angstiger en depressiever zijn dan leeftijdsgenoten. Het verbaast me, want mensen draaien toch juist muziek om zich vrolijker te voelen. Niks draaien is ook geen oplossing, de jongeren die weinig muziek kennen hebben weer meer zelfmoordneigingen. Asl ouder mag je je in de handen wrijven als je kind niets liever dan TMF kijkt. Hoe meer doorsnee de muziek, des te meer doorsnee het gedrag. De mainstream liefhebbers hebben niet alleen minder emotionele problemen, ze bezorgen ook minder overlast".

Wat voor soort onderzoek wordt hierboven beschreven?

  1. Correlationeel onderzoek
  2. Quasi-experimenteel onderzoek
  3. De tekst geeft te weinig informatie om dit te bepalen.

Antwoorden Meerkeuzevragen

MC vraag 1

C. Dat de scores op de vragen hoog met elkaar correleren, zodat je weet dat je één concept meet.

MC vraag 2

B. meer, dezelfde

MC vraag 3

A. Omdat je dan zeker weet dat de persoonskenmerken geen invloed uitoefenen op de afhankelijke variabele.

MC vraag 4

B. Correlationeel onderzoek

MC vraag 5

C. Het optimaliseren van de betrouwbaarheid.

MC vraag 6

A. Correlationeel onderzoek

Wat is economisch gedrag? - TentamenTests 7

Meerkeuzevragen

MC vraag 1

Peter kan kiezen of hij wel of niet meedoet met een spel waarbij hij een muntje op moet gooien. Als hij besluit mee te doen, kan hij 105 euro of niks winnen. De tweede optie is om niet mee te doen, dan krijgt hij 50 euro. Als we naar de economische psychologie kijken, welke optie zal Peter dan waarschijnlijk kiezen?

  1. Hij besluit mee te doen, vanwege utiliteit.
  2. Hij doet mee, vanwege risico zoekend gedrag.
  3. Hij doet niet mee, vanwege risicomijdend gedrag.

Antwoorden Meerkeuzevragen

MC vraag 1

C. Hij doet niet mee, vanwege risicomijdend gedrag.

TentamenTickets per hoofdstuk bij de 2e druk van Applied Social Psychology: Understanding and Managing Social Problems van Steg et al. - Chapter 1 t/m 5

  • In het boek wordt eerst ingegaan op de theorieën binnen de toegepaste sociale psychologie. Vervolgens wordt gekeken naar het gebruik van de sociale psychologie in de praktijk, waarbij verschillende onderdelen van de samenleving aan bod komen, zoals de economie, het onderwijs, of de politiek.

Introductie – Chapter 1

  • Onthoud dat de toegepaste sociale psychologie een inductieve benadering van wetenschappelijk onderzoek gebruikt in plaats van de deductieve benadering. Verder is het van belang om de verschillen te kunnen tussen toegepaste en normale psychologie.

  • Toegepast psychologen vervullen naast een baan als onderzoeker ook functies zoals consultant of beleidsadviseur. Onthoud dat het bij toegepaste psychologie dus meer om de uitwerking van psychologische theorieën in de praktijk gaat.

Hoe kan theorie worden toegepast? – Chapter 2

  • In dit hoofdstuk is het belangrijk om de verschillende theoretische begrippen te kennen. Voordat een onderzoek binnen de toegepaste psychologie van start gaat, wordt eerst een theoretisch kader opgesteld. Hierin worden modellen en constructen geoperationaliseerd en wordt een hypothese opgesteld.

  • Er zijn veel sociaal psychologische theorieën. De theorieën worden in dit boek in drie gebieden opgedeeld. Maak dus goed onderscheid tussen deze drie gebieden en weet welke theorieën hieronder vallen.

  • De Social Influence theorieën hebben te maken met de manier waarop mensen van gedachten, gevoel of gedrag veranderen. Wat hieronder valt is te onthouden aan de hand van I-C-C-O-E: Imitation, Conformity, Compliance, Obedience en Elaboration Likelihood Model.

Wat zijn gedragsgerichte Interventies? – Chapter 3

  • Let er goed op dat er twee soorten gedragsgerichte interventies zijn: Interventies gericht op de antecedenten (wat er aan het gedrag vooraf gaat) en interventies gericht op de consequenties (waaronder straffen, belonen en feedback geven).

  • Zes principes worden gebruikt voor interventies die gebruik maken van sociale invloeden: SCALRS (Consistency, Social Proof, Authority, Liking, Reciprocity, Scarcity). Elk van deze principes bestaat uit een aantal concrete sociale invloed technieken.

Hoe wordt toegepast sociaalpsychologisch onderzoek opgezet?– Chapter 4

  • Er bestaan verschillende onderzoeksmethodes, in dit hoofdstuk worden het experiment, het correlatieonderzoek, het quasi-experimenteel onderzoek en het vragenlijstonderzoek besproken. Onthoud dat elke methoden zowel voor- als nadelen heeft in het gebruik. Let bij elk van de methodes op de generaliseerbaarheid, de mate van onwillekeurige verdeling en of er een relatie tussen verbanden vastgesteld kan worden.

  • In dit hoofdstuk wordt besproken wat de beste manieren zijn om sociale problemen te onderzoeken. Vergeet niet dat de methodes van elkaar verschillen, maar dat het altijd het beste is om gebruik te maken van multi-methods. Dit vergroot de generaliseerbaarheid en de betrouwbaarheid.

Wat zegt de psychologie over consumentengedrag? – Chapter 5

  • In dit hoofdstuk wordt uitgelegd dat goederen verschillende functies kunnen hebben, maar dat er ook verschillende soorten koopgedrag bestaan voor deze verschillende soorten producten.

  • Adverteren speelt een grote rol binnen consumentengedrag. Via drie psychologische processen kan adverteren invloed hebben op het koopgedrag van mensen. Het is belangrijk om deze drie processen te kennen (cognitieve route, affectieve route, en de subliminale route), uit te kunnen leggen en op te kunnen noemen aan welke condities er moet voldaan om succesvol van invloed te zijn op het koopgedrag.

Kan sociale psychologie bijdragen aan ontwikkelingshulp? – Chapter 6

  • Ken de manieren waarop sociale psychologie bij kan dragen aan het verbeteren van ontwikkelingshulp.

  • Vaak wordt voordat een interventie wordt opgezet, een logisch kader ontworpen om de verschillende aspecten van de interventie, en de relatie hiertussen, in beeld te brengen. Weet hoe zo’n logisch kader eruit ziet en ken de vijf stappen die er gezet worden in het ontwerpen van zo’n logisch kader.

  • Individualisme en collectivisme zijn begrippen waar diep op in wordt gegaan. Zorg dat de verschillen tussen deze twee begrippen duidelijk zijn en weet ze toe te passen binnen de theorie.

Wat zegt de sociale psychologie over economisch gedrag? – Chapter 7

  • Ken de kenmerken van en de verschillen tussen persoonlijk, situationeel en sociaal refereren. Dit zijn de drie basisfactoren die van invloed zijn op keuzes en beoordelingen in het kader van consumentengedrag.

  • Onthoud dat de angst van mensen om te verliezen vaak belangrijker is dan de drang van mensen om te krijgen of te verdienen. Dit is een centrale gedachte binnen dit hoofdstuk en probeer deze gedachte toe te passen binnen de theorieën die genoemd worden in dit hoofdstuk.

Meer TentamenTests - Hoofdstuk 9 t/m 17 (Exclusief voor wie volledige online toegang heeft)

  • Ben je aangesloten bij JoHo, log dan in en lees hieronder verder voor Tentamentests bij hoofdstuk 9 t/m 17 & Tentamentickets bij hoofdstuk 8 t/m 17
  • Nog niet aangesloten, sluit je dan eerst hier aan.
Exclusive section of this page (for members with extra services and online access)

Image

Access: 
Public

Image

Check more: this content refers to
Psychology and behavorial sciences - Theme
Join: WorldSupporter!

Join with a free account for more service, or become a member for full access to exclusives and extra support of WorldSupporter >>

Check: concept of JoHo WorldSupporter

Concept of JoHo WorldSupporter

JoHo WorldSupporter mission and vision:

  • JoHo wants to enable people and organizations to develop and work better together, and thereby contribute to a tolerant and sustainable world. Through physical and online platforms, it supports personal development and promote international cooperation is encouraged.

JoHo concept:

  • As a JoHo donor, member or insured, you provide support to the JoHo objectives. JoHo then supports you with tools, coaching and benefits in the areas of personal development and international activities.
  • JoHo's core services include: study support, competence development, coaching and insurance mediation when departure abroad.

Join JoHo WorldSupporter!

for a modest and sustainable investment in yourself, and a valued contribution to what JoHo stands for

Check: more in bundle

Tentamens: oude tentamens voor Sociale psychologie, oefenmateriaal en tentamentips

Check: how to help

Image

 

 

Contributions: posts

Help others with additions, improvements and tips, ask a question or check de posts (service for WorldSupporters only)

Image

Check: more related and most recent topics and summaries
Check: more content in related bundles

Image

Share: this page!
Follow: Psychology Supporter (author)
Add: this page to your favorites and profile
Statistics
2884
Submenu & Search

Search only via club, country, goal, study, topic or sector