Aanbieding plan van aanpak pesten
Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap werkt samen met Kinderombudsman om een gezamenlijk en breed gedragen plan van aanpak van pesten in het onderwijs te krijgen.
Plan van aanpak tegen pesten
Brief gaat alleen over sociale veiligheid van kinderen op school.
Noodzaak tot een aanpak
De plicht ervoor te zorgen dat kinderen en jongeren er niet alleen voor staan. Een generieke aanpak van pesten die een sociaal veilig schoolklimaat moet bevorderen waarin ieder kind zichzelf kan zijn en in veiligheid kan leren. Deze aanpak moet sensitief zijn voor bepaalde kwetsbare groepen. Plan richt zich op funderend onderwijs waar pestaanpak deel moet uitmaken van het sociale veiligheidsbeleid.
Waarom pesten lastig te bestrijden is
Pesten: vorm van agressief gedrag, waarbij een betrekkelijk machteloze persoon wordt aangevallen, vernederd of buitengesloten door één of meerdere individuen. Pesten heeft drie kenmerken: intentioneel, vindt herhaaldelijk en over een langere periode plaats, er is een machtsverschil tussen dader en slachtoffer.
Belangrijkste knelpunten bij het terugdringen van pesten:
- Er is onvoldoende zicht op pesten
- Huidige veiligheidsmonitor op scholen biedt geen goed inzicht in problematiek van pesten.
- Pesten blijft onder de radar
- Slachtoffers durven het niet te zeggen, daders kunnen de gevolgen niet goed inschatten.
- Pesten is een taboe
- Erkennen dat er gepest wordt is lastig voor alle betrokkenen.
- Ouders en leerlingen weten soms niet waar ze terecht kunnen
- Leraren zijn niet altijd in staat effectief te signaleren en te handelen
- Geen goed zicht op groepsprocessen in de klas. Lastig grip te krijgen op ongewenst gedrag.
- Er is een wildgroei aan anti-pestprogramma’s
- Niet alle methodes zijn effectief en sommige kunnen zelfs contraproductief werken.
- Beperkte rol van de inspectie
- Inspectie voor het Onderwijs heeft weinig aangrijpingspunten om sociaal onveilige situaties op scholen in kaart te brengen en om scholen tot verbetering aan te zetten.
Plan van aanpak
Normstelling en bewustwording
Norm dat pesten onacceptabel is moet voor iedereen binnen en buiten het onderwijs duidelijk zijn. Als deze norm overtreden wordt, moet daar een reactie op volgen die duidelijk maakt dat intimiderend gedrag of gedrag dat anderen uitsluit niet getolereerd wordt.
Heldere afspraken opstellen waar school, leerlingen en ouders elkaar aan kunnen houden. Strafrecht: het is belangrijk dat aangifte wordt gedaan als er sprake is van een strafbaar feit.
Het is cruciaal dat scholen en ouders samen optrekken > scholen oproepen regelmatig met ouders te praten en samen te werken in het bestrijden van pesten.
Blijvende aandacht voor pesten: jaarlijks een vast moment waarop wordt stilgestaan bij pesten (verdere invulling moet nog bedacht worden).
Toerusting van ouders en leerlingen, leraren en scholen
De positie van ouders en leraren hebben versterking nodig als het gaat om het aankaarten en aanpakken van pesten.
Verbetering klachtenregeling: klachten over pesten moeten met hoge prioriteit worden behandeld. Effectiviteit van deze klachtenregeling in funderend onderwijs wordt nog geëvalueerd.
Meldingen bij de Kinderombudsman: klachten zullen allereerst op scholen zelf moeten worden opgelost. Mocht dat niet gaan, kan men naar de Kinderombudsman stappen. Met de verbetering van de klachtenregeling en het meldpunt bij de Kinderombudsman wordt het systeem sluitend.
Leraren beter toerusten, ook voor cyberpesten: overleg of docenten bij- en nascholing moeten krijgen over pesten. Voor studenten op Pabo komt er een nieuwe module bij: ‘omgaan met verschillen en pestgedrag’. Vergelijkbare module voor nascholing van zittende leraren > beter voorkomen, signaleren en aanpakken van pesten. Staatssecretaris zal daarnaast scholen moeten aanspreken op hun verantwoordelijkheid voor het bestrijden van cyberpesten.
Pilots met anti-pestprogramma’s uitbreiden: programma’s voor het primair onderwijs en een programma om slachtoffers van cyberpesten te ondersteunen in het voortgezet onderwijs.
Meer aandacht voor sportief gedrag en respectvol met elkaar omgaan in de gymlessen: basisregels, zoals respectvolle omgang met elkaar, met regels en met autoriteit.
Beter zicht op pesten: onderwerp pesten uitdrukkelijk meenemen in de veiligheidsmonitor.
Formeel kader
Vrijblijvendheid om pesten aan te pakken verdwijnt en de inspectie krijgt meer mogelijkheden om toezicht uit te oefenen en te handhaven.
Een schoolbrede en structurele aanpak van pesten wordt verplicht. Het wettelijke vastleggen van de verplichting biedt de inspectie de mogelijkheid om toe te zien op de naleving.
Schoolbrede en structurele pestaanpak wordt verplicht: op dit moment zijn scholen nog vrij in de aanpak tegen pesten, dit moet stoppen: of je gepest wordt moet niet afhankelijk zijn van de school waar je naartoe gaat. Daarnaast moet de wildgroei van pestprogramma’s stoppen. Inhoud wetsvoorstel: dat iedere school in het funderend onderwijs (a) een bewezen effectief anti-pestprogramma gebruikt, (b) de sociale veiligheid op de school monitort, (c) een vertrouwenspersoon annex pestcoördinator heeft, en (d) dat de inspectie hier op toeziet.
Grotere rol voor de inspectie: inspectie van onderwijs krijgt een actievere rol en gaat toezicht houden op naleving van de nieuwe wettelijke kaders voor scholen. Inspectie ontwikkelt hiervoor heldere indicatoren.
Wetsvoorstel Incidentenregistratie heroverwegen: eerder ingediend wetsvoorstel > zou geen toegevoegde waarde hebben voor de gewenste pestaanpak.
Conclusie en vervolg
Bijlage
Hierin staat een overzicht van lopende maatregelen om pesten in het onderwijs tegen te gaan.
Beleidsreactie rapport
Wat werkt tegen pesten
Onderzoekers concluderen dat het mogelijk is om binnen een jaar het pesten te verminderen. Ook benadrukken zij het belang van keuzevrijheid t.a.v. het door de school te gebruiken anti-pestprogramma (motivatie docent heeft invloed op kwaliteit uitvoering).
Belang van monitoring: wordt verplicht.
Kwaliteit van uitvoering: belangrijk scholen aan te moedigen een bewezen effectief programma te kiezen, maar hen vrij te laten in de keuze.
Aanbod op voortgezet onderwijs is beperkt. In gesprek om te kijken welke belemmeringen er zijn om te komen tot een toereikend aanbod van anti-pestprogramma’s.
Onderzoekers bevelen aan in de toekomst verder onderzoek te doen naar de langetermijneffecten van de anti-pestprogramma’s.