Dutch Courage Management - Arrest - ABRvS 27 maart 2002, ECLI:NL:RVS:2002:AE0721

Feiten

I.c. gaat het om de zaak tussen Dutch Courage Management B.V. (appellant), en de Commissie overige geschillen van de provincie Noord-Holland (thans de Commissie administratief beroep van de provincie Noord-Holland).

Bij besluit van 28 april 2000 hebben burgemeester en wethouders de aan appellanten verleende drank- en horecavergunning als bedoeld in artikel 3 lid 1 a van de Drank- en Horecawet (\ DHW) op grond van art. 31 lid 1 d en lid 6 van de DHW ingetrokken. Dit was naar aanleiding van een inval waarbij (hard)drugs was aangetroffen.

Bij besluit van 30 oktober 2000 heeft de Commissie overige geschillen van de provincie Noord-Holland het daartegen door appellanten ingestelde beroep ongegrond verklaard. De rechtbank te Haarlem heeft het daartegen door appellanten ingestelde beroep ongegrond verklaard. Tegen deze uitspraak hebben appellanten bij de Raad van State hoger beroep ingesteld.

ABRvS

Appellanten betogen dat de feiten die zich in de inrichting hebben voorgedaan niet de vrees wettigen dat het van kracht blijven van de vergunning als bedoeld in artikel 3 DHW, gevaar zou opleveren voor de openbare orde, veiligheid en zedelijkheid. Volgens appellanten bieden de meldingen van overlast geen bewijs daarvoor. Dit betoog faalt. Burgemeester en wethouders hebben op grond van de in de processen-verbaal geconstateerde feiten kunnen aannemen dat er sprake is van een situatie die gevaar oplevert voor de openbare orde, veiligheid en zedelijkheid. Dat, zo appellanten stellen, de exploitatie van zijn inrichting geen concrete overlast veroorzaakt, doet hier niet aan af.

De Afdeling herhaalt ook weer dat de aanwezigheid van harddrugs in een voor het publiek openstaande ruimte op zichzelf reeds het risico van negatieve effecten op de openbare orde in zich bergt.

Voorzover appellanten stellen dat de intrekking van de vergunning een punitief karakter draagt in de zin van artikel 6 EVRM, faalt dit. Het intrekken van de horecavergunning is een maatregel die alleen is genomen ter bescherming van de openbare orde. Deze maatregel is niet (mede) gericht op het bewerkstelligen van normconform gedrag door toevoeging van geïndividualiseerd concreet nadeel, en de verwijtbaarheid van de vergunninghouder speelt voorts geen rol bij de besluitvorming tot het intrekken van de horecavergunning. Het intrekken van de vergunning is mitsdien geen punitieve sanctie en dus is geen sprake van strijd met artikel 6 van het EVRM.

De rechtbank is terecht en op goede gronden tot de conclusie gekomen, dat burgemeester en wethouders verplicht waren de verleende vergunning in te trekken. Het hoger beroep is ongegrond.

Kern: Intrekking horecavergunning is geen punitieve sanctie.

 

Image

Access: 
Public

Image

Click & Go to more related summaries or chapters

Samenvattingen: de beste jurisprudentie en arresten voor bestuursrecht en administratief recht samengevat

Join WorldSupporter!
This content is related to:
Arresten en jurisprudentie: uittreksels en studiehulp - Thema

Image

 

 

Contributions: posts

Help other WorldSupporters with additions, improvements and tips

Image

Spotlight: topics

Check the related and most recent topics and summaries:

Image

Check how to use summaries on WorldSupporter.org
Submenu: Summaries & Activities
Follow the author: Law Supporter
Work for WorldSupporter

Image

JoHo can really use your help!  Check out the various student jobs here that match your studies, improve your competencies, strengthen your CV and contribute to a more tolerant world

Working for JoHo as a student in Leyden

Parttime werken voor JoHo

Statistics
Search a summary, study help or student organization